home
RSS feeds
Een nieuwe kijk op overgewicht | maart 2009

Interview Bob Cramwinckel

Bob Cramwinckel is directeur van het Centrum voor Smaakonderzoek.

Sommige kleuren voelen warmer aan dan andere, terwijl de feitelijke temperatuur gelijk is. Rood voelt bijvoorbeeld warmer aan dan blauw. Ook bij muziek kan men klanken als warm of kil ervaren. We vroegen aan Bob Cramwinckel of dit fenomeen van warm vs. koud ook bij voedingsmiddelen bestaat.


“Jazeker, dat hebben wij aangetoond. Hoewel er fysiek gezien geen temperatuurverschil bestond, vonden proefpersonen zoet warmer aanvoelen. Bij cacaoproducten en vet zagen we hetzelfde gebeuren; volle yoghurt voelt warmer aan dan magere yoghurt. Zuur werd over het algemeen als kouder ervaren. Zo hebben we nog veel meer producten laten testen. Het hangt daarbij wel van het product zelf af of dit effect gewenst is. Zoete witte wijn bijvoorbeeld wordt als warm ervaren, maar op een zomerse dag heeft men toch liever een fris smakende, minder zoete witte wijn...”

Er blijkt dus een meetbaar en significant effect van gevoel op smaak te zijn. Waar komt dat gevoel vandaan?
“Van binnen! Kijk, in de leer van het behaviorisme geldt dat elke stimulus een respons oplevert. Ofwel, een prikkel van buitenaf levert een reactie op. Maar ten aanzien van smaak gaat deze regel niet op. Smaak komt van binnenuit. Smaak zit tussen de oren. Stel, je drinkt de hele zomervakantie een smakelijk wijntje uit de streek waar je verblijft. Wanneer je huiswaarts keert neem je een kistje van die wijn mee. Echter, thuis in je normale omgeving, smaakt die wijn toch anders. Logisch, het vakantiegevoel ontbreekt! Echt, het effect van gevoel op smaak is groter dan we denken. Dat zie je met name in tests waarbij je producten blind (dus zonder informatie en karakteristieke verpakking) en/of branded (wel met informatie en verpakking) aanbiedt. Bij blind testen is je gevoel niet geactiveerd en is je smaak minder uitgesproken. Niet het product en je zintuigen zijn de baas over je smaak, maar je gevoel die in staat is je eigen zintuigen te bespelen. Hoe is het anders te verklaren dat mensen steeds opnieuw hun dagelijkse boodschappen halen uit een vast assortiment van circa 200 producten terwijl een supermarkt een gemiddeld aanbod van 20.000 verschillende producten heeft? Een mens houdt er vaste gewoonten op na en is niet gemakkelijk op andere gedachten te brengen. Wanneer de omgevingsfactoren meer bepalend zouden zijn, dan zou dat percentage van 1% toch veel hoger moeten liggen? Nee, de persoon bepaalt zijn of haar aankoopgedrag zelf en daarmee kom je op ongeveer 1% uit. Een product moet ‘in de persoonlijke smaak vallen’, anders wordt het niet aangeschaft.”

Kennelijk komt eerst het gevoel, en dan de smaak. Waarom geven bepaalde voedingsmiddelen nu een warmer gevoel dan andere?
“Het is eerlijk gezegd nog gissen waarom bijvoorbeeld suiker en vet een warm gevoel geven. Wat we kunnen bedenken is dat het teruggaat naar de babytijd. Baby’s geven bij elk onaangenaam gevoel duidelijk blijk van hun onvrede. Dat kan gaan om kou, pijn, honger en dorst; het meest primaire wat een baby kan ervaren. Dan slaan ze alarm en gaan ze huilen. Geef je een baby voeding, dan ervaart hij dit als prettig en stopt hij met huilen. Moedermelk is warm, zoet en romig. Het wegnemen van het nare hongergevoel gaat samen met het waarnemen van smaak. Maagvulling en zoete/romige smaken zorgen voor aangename gevoelens. Gelukkig maar, want daarom kunnen we erg genieten van eten en drinken. Overigens geldt dit fenomeen ook voor baby’s die iets zuurdere melk beter kunnen verdragen; aan hen geeft juist deze zuurdere voeding dat warme, bevredigende gevoel. Je moet het dus meer zoeken in associaties en warme ervaringen die je opslaat voor later gedrag. En iedereen volgt daarin een eigen weg. Dus algemene oplossingen bestaan helaas niet. Het gaat meer om het ervaren van verschillen dan om absolute waarnemingen. Een voorbeeld ter illustratie: Een puisant rijke man laat zijn ontelbare miljarden – die je menselijkerwijs nooit op zou kunnen maken – na aan zijn twee zoons. De ene erft 70%, de andere 30%. Wat gebeurt er? Ze krijgen mot. Ook al zijn ze allebei oneindig rijk - ze ervaren vooral het verschil. De een blij, de ander boos…”

Terugkomend op het gevoel: kunt u aangeven welke voedingsmiddelen warmer aanvoelen dan anderen?
“Vet en zoet worden over het algemeen als warm ervaren, waarbij het warme gevoel komt door een beetje zoet of een beetje vet. Doordat het associatief is, kun je dus niet stellen dat hoe zoeter een product is, hoe warmer. Nogmaals, de mens is geen absoluut meetinstrument. Wat je ziet bij dieet- of light producten is dat men samen met het vet of het zoet ook de warmte eruit haalt. Die producten vormen dus ook geen goede oplossing voor een probleem als overgewicht. Die producten geven simpelweg niet dat warme gevoel.”

Wat ziet u dan als oplossing voor het groeiende probleem overgewicht? Kunnen warme producten en smaak daarbij een rol spelen?
“Als twee dingen samengaan, zoals veel eten en overgewicht, is men vaak geneigd in oorzaak en gevolg te denken. Maar dat hoeft helemaal niet zo te zijn. Veel eten hoeft niet de oorzaak van overgewicht te zijn. Iemand kan veel eten omdat hij een bepaald prettig gevoel wil ervaren, het liefst met warme producten. Deze (overmatige) behoefte aan een prettig gevoel is dan de oorzaak van overgewicht, niet het vele eten. Dat is ‘slechts’ het middel. Ander voorbeeld: een alcoholist is iemand die veel drinkt. Komt dat doordat er nu eenmaal veel drank is? Nee, dat komt doordat hij zonder drank zijn leven als ondragelijk ervaart. Light jenever zou in dat opzicht een lachertje zijn. Maar light producten bestaan dus wel… Ik denk dat er aan overgewicht een complex van zichtbare en vooral onzichtbare factoren ten grondslag ligt. Dat maakt het moeilijk dit fenomeen te onderzoeken en met één oplossing te komen. “

Ten slotte: welke smaak of welk gevoel wordt volgens u een nieuwe trend, bijvoorbeeld in de strijd tegen overgewicht?
“Ik denk dat light zijn langste tijd gehad heeft. We gaan terug naar gewoon eten, dat je met mate nuttigt en dat voldoening oplevert. Je kiest bewust voor een product wat je een goed gevoel geeft in de zin van voldoening en verzadiging. Je eten sec beperken is geen oplossing voor overgewicht. Maar wat is overgewicht? Als je kijkt naar zo’n Quetelet Index; die norm van 25 als grens voor overgewicht is volgens mij veel te streng. Zo wordt er een probleem gecreëerd dat geen probleem is. Echt obese mensen, díe hebben zeker een probleem. En dáár moeten we iets aan gaan doen. Maar 5 kilo meer of minder, ach. Ik zou meer aandacht willen voor preventie, vooral ten aanzien van jongeren. Vertel hen dat zijn hun gezonde gewicht moeten koesteren. Dat je makkelijker aankomt dan afvalt en dat je dus goed moet (leren) omgaan met eten. Elke dag gebak, koek, frites, chocolade etc. eten is niet gezond; leer dus ook om dat af te slaan. Ken je zelf, ontdek waar je moeite mee hebt, waar je bang voor bent, waar je zelfvertrouwen in het geding is. Gewicht aankomen is makkelijk; daarbij duw je tegen oververzadiging aan. Maar afvallen is veel moeilijker; dan kom je bij associaties als ziektes of hongersnoden. En daar hebben wij als mensen(baby’s) nu eenmaal geen goede herinneringen aan. Bij het bestrijden van overgewicht is eten dan ook geen oorzaak noch een oplossing. Want, als het alleen zou gaan om meer bewegen en minder eten, dan zou overgewicht als sneeuw voor de zon verdwijnen. Eten als dé oplossing is te simpel gedacht. Het eten en drinken is er onlosmakelijk mee verbonden, maar het zijn achterliggende factoren waar oorzaken zich verborgen houden.”